‘Deze wijken verdienen het om met aandacht te koesteren’
In de museumwoning van de Kiefhoek, de bijzondere, witgekleurde woonwijk in Feijenoord, is goed te zien op wat voor bescheiden oppervlak de bewoners bij oplevering van hun woning in 1930 moeten hebben geleefd. Toch voelde het voor hen waarschijnlijk als een paradijs. Velen van hen waren afkomstig uit de vele krottenwijken die de Rotterdamse binnenstad toen telde. De overgang van erbarmelijke woonomstandigheden naar een woning met stromend water, elektriciteit en andere moderne voorzieningen, moet weldadig zijn geweest.
De Kiefhoek is in 1928-1930 gebouwd naar een ontwerp van architect J.J.P. Oud. Hij tekende de wijk in opdracht van de Gemeentelijke Woningdienst, een van de voorlopers van Woonstad Rotterdam. De woningnood was groot. Uit alle delen van het land stroomden arbeidskrachten toe, op zoek naar werk in de Rotterdamse haven. De stad groeide explosief. Om de aan de vraag naar betaalbare woningen te voldoen liet de sociaaldemocratische wethouder Arie Heijkoop zijn woningbedrijf experimenteren met snel te bouwen woningen.










